skip to Main Content
Re-integratie Bij Een Ander Bedrijf

Re-integratie bij een ander bedrijf

Soms kan een werknemer die gedeeltelijk arbeidsgeschikt is niet (goed) re-integreren bij zijn eigen werkgever. Dat kan komen omdat terugkeer bij de eigen werkgever niet mogelijk is of omdat daar geen passend werk is. Dan komt externe re-integratie (ofwel re-integratie tweede spoor) in zicht. Detachering bij een ander bedrijf kan ook nuttig zijn als er sprake is van een arbeidsconflict dat niet op korte termijn kan worden opgelost of omdat de werknemer steeds opnieuw uitvalt. Waar moet een werkgever op letten bij externe re-integratie?

Het is allereerst van belang dat de arboarts heeft geconstateerd dat er geen mogelijkheden meer zijn bij de eigen werkgever en dat het Plan van Aanpak wordt geactualiseerd. Vervolgens moeten werkgever en werknemer op zoek gaan naar passend werk in een ander bedrijf. Hiervoor kan in het eigen netwerk worden gezocht of kan een re-integratiebedrijf of uitzendbureau worden ingeschakeld. Soms valt externe re-integratie onder de diensten van een arbodienst of verzuimverzekering die een werkgever heeft. Verder kan een branchevereniging behulpzaam zijn. Er kan een vacaturebank zijn, of er kan een samenwerking zijn met een re-integratiebureau zodat de kosten lager uitvallen.

Als een ander bedrijf is gevonden moet worden gekeken of het werk passend is. Dat hangt af van de eventuele beperkingen van de werknemer, het opleidingsniveau en werkervaring. Hoe langer de werknemer niet aan het werk is, hoe meer functies als passend werk worden gezien. Samen met de arbo-arts wordt vastgesteld of de aangeboden werkplek passend is. Als over de passendheid onduidelijkheid bestaat of daarover een verschil van mening is, dan kunnen de werknemer en de uitlenende werkgever aan UWV een deskundigenoordeel vragen.

Vervolgens kan de werknemer in overleg aan de slag. Het is belangrijk dat de drie partijen (eigen werkgever, tijdelijke werkgever en werknemer) regelmatig contact met elkaar hebben, bijvoorbeeld over de opbouw van de werkuren, ziekmeldingen en het opnemen van verlof. Deze afspraken kunnen worden vastgelegd in een detacheringsovereenkomst.

De werknemer blijft in dienst bij zijn eigen werkgever tijdens de externe re-integratie, ook al werkt hij feitelijk ergens anders. De eigen werkgever blijft dan ook verantwoordelijk voor loondoorbetaling en de re-integratie. Ook houdt de werknemer zijn eigen arbeidsvoorwaarden zolang hij gedetacheerd is. De werknemer moet op zijn beurt blijven werken aan herstel.

Het is mogelijk dat de gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemer bij de ‘nieuwe’ werkgever in dienst treedt. Meestal zal dat pas na afloop van het tweede ziektejaar gebeuren. Het is belangrijk dat de arbeidsovereenkomst met de oude werkgever wordt beëindigd, anders blijft deze verantwoordelijk voor de re-integratie. Ook zal een arbeidsovereenkomst met de nieuwe werkgever worden opgesteld. Hierin kan bijvoorbeeld worden afgesproken dat de diensttijd die bij de oude werkgever is opgebouwd wordt meegenomen naar de nieuwe werkgever. Verder ontvangt de werknemer loon voor zijn werk. Als dat lager is dan de verdiencapaciteit die bij de WIA-beoordeling is vastgesteld, dan kan dat worden aangevuld met een WGA- of een WW-uitkering. Verder kan de nieuwe werkgever recht hebben op bepaalde voorzieningen als hij een gedeeltelijk arbeidsgeschikte werknemer in dienst neemt, bijvoorbeeld looncompensatie bij ziekte, premiekorting en eventuele werkvoorzieningen.

Heeft u vragen over externe re-integratie? Neem gerust contact met mij op.

Back To Top